Natuurbeheertype: N10 vochtige schraalgraslanden
N10.01 Nat schraalgraslandAuteurs: Jurjen Molenaar, Bernd-Jan Bulsink en Jurgen Rotteveel. Eerstejaars Studenten Bos- en Natuurbeheer, van Hall Larenstein Velp.
Gesproken met: Loran Tinga, Beheerteammedewerker C, Natuurmonumenten Texel.
Introductie TexelOp Texel is een hoge diversiteit aan natuur te vinden, zo zijn er duinen, bossen, duinvalleien, schraalgraslanden en kwelders.
Dit maakt van Texel een zeer belangrijk natuurgebied waar jaarlijks veel natuurliefhebbers op af komen.
Op Texel zijn zowel Staatsbosbeheer als Natuurmonumenten als terreinbeheerder actief. Staatsbosbeheer heeft voornamelijk de duinen en bosgebieden in het beheer en Natuurmonumenten o.a. graslanden, eendenkooien en kwelders.
Natuurmonumenten is al sinds 1909 actief op Texel, de oprichter Jac. P. Thijsse kocht in 1909 7,5 ha grasland in de polder Waal en Burg en heeft ervoor gezorgd dat de unieke vochtige schraalgraslanden zijn behouden.
Momenteel heeft Natuurmonumenten 1000 ha binnendijks en 7000 ha buitendijks aan grond in beheer op Texel. Een van de belangrijkste binnendijkse natuurgebieden is Waal en Burg met, in de toekomst, een oppervlakte van 550 hectare.
Introductie Waal en BurgWaal en Burg is een poldergebied waar de grootste aaneengesloten oppervlakte schraalgraslanden op Texel te vinden is. Het gehele beheer van de (in de toekomst) 550 hectare grote polder valt onder Natuurmonumenten. De polder is gelegen ten noorden van Den Burg, door aanwezigheid van vroegere kreek en invloed van kwel zijn in de polder nog zoute invloeden te vinden. Er groeien soorten als Harlekijn (Anacamptis morio), Brede orchis (Dactylorhiza majalis), Addertong (Ophioglossum vulgatum), Zilt torkruid (Oenanthe lachenalii) , Zilte rus (Juncus gerardii), Stijve ogentroost (Euphrasia stricta s.l.) , Gevlekte orchis (Dactylorhiza maculata), Kamgras (Cynosurus cristatus) en Zeegroene zegge (Carex flacca).
Deze vegetatie is een zeer geschikt broedgebied voor vogelsoorten als: Grutto (Limosa limosa), Tureluur (Tringa totanus), Kievit (Vanellus vanellus), Veldleeuwerik (Alauda arvensis) en Slobeend (Anas clypeata).
Provincie Noord Holland is momenteel bezig met het aankopen van de overige landbouwgrond, waardoor het totale aaneengesloten oppervlakte natuurgebied van de Waal en Burg polder straks 550 ha bedraagt. Op dat moment zal ook het polderpeil (hoger opzetten) ten gunste van de natuur worden aangepast
Bijzondere vegetatie Waal en BurgOmdat enkele polders al sinds 1909 in het bezit zijn van Natuurmonumenten is er een bijzondere vegetatie ontstaan van natte en voedselarme omstandigheden.
De in dit vegetatietype vaak voorkomende soort Dotterbloem (Caltha palustris) ontbreekt echter in de polder Waal en Burg door zilte invloeden.
Graslanden op Texel zijn minder bemest dan een grasland in bijvoorbeeld Noord-Brabant, dit komt omdat het invoeren van mest op Texel lastiger en duurder is.
Zodoende zijn nieuwe, door Natuurmonumenten aangekochte, polders eenvoudig om te vormen naar schraalgrasland.
Het is bijzonder dat na aankoop van voormalig grasland er soms al binnen zes jaar Orchideeën groeien, dit heeft echter ook te maken met de aanwezigheid van een zaadbank in de ondergrond en de aanwezigheid van orchideeënrijke graslanden in de omgeving.
Beheer Waal en BurgDe schraalgraslanden worden jaarlijks eenmaal gemaaid, dit gebeurt na 1 juli en wordt gedaan door pachters. De gebruikte machines voor maaiwerkzaamheden variëren omdat er verschillende pachters zijn die de graslanden maaien. Het ontstane maaisel wordt meestal gebruikt door paardenboeren. Na de maaiwerkzaamheden wordt er nabeweid met schapen, dit gebeurt om de vegetatie kort te houden. Normaliter blijven de schapen tot februari op het land staan, mocht het zo zijn dat de vegetatie zo ver begraasd is dat de boer moet bijvoeren worden de schapen eerder van het land gehaald. Schapenbegrazing is ideaal voor Orchideeën, als het gras opgegeten is (en de vegetatie zeer laag wordt) krijgen de rozetten van Orchideeën genoeg licht en ruimte om zich snel te ontwikkelen in het voorjaar.
Een andere belangrijke beheermaatregel in Waal en Burg wordt het verhogen van waterstand en het greppelbeheer.
Een hoge waterstand is essentieel voor de bijzondere plantengroei in de polder. Door de polder in zijn geheel als natuurgebied te beheren, is het eenvoudiger om de waterstand te regelen, het probleem met omliggende landen die gebruikt worden voor agrarische doeleinden is dat op deze landen vaak een lage grondwaterstand wordt geprefereerd.
Het is wel belangrijk dat de grondwaterstand niet boven het maaiveld uitkomt, op deze manier verdwijnt het bodemleven en kan er groei van Pitrus (Juncus effusus) optreden.
Pitrus groei wordt zoveel mogelijk tegengegaan omdat deze Rus-soort de vegetatie gaat overheersen en omdat Pitrus vegetatie weinig diversiteit en een lage natuurwaarde kent.
De greppels binnen de schraalgrasland dienen zoveel mogelijk open gehouden te worden om regenwater en stikstof af te voeren.
De greppels worden volgens contract opengehouden door pachters, deze hebben hier echter niet altijd tijd voor en inmiddels zijn veel greppels dichtgegroeid.
Natuurmonumenten is inmiddels bezig met een project om alle greppels met een greppelfrees open te maken, de werkzaamheden zullen door een aannemer uitgevoerd gaan worden.
Als een grasland té ver verschraald is (vermindering van vegetatiegroei en verdwijnen plantensoorten) wordt ruige stalmest toegevoegd om het gehalte aan voedende bestandsdelen te verhogen.
Omvorming nieuwe polders Waal en BurgHet gebied Waal en Burg wordt momenteel uitgebreid door de aankoop van omliggende graslanden (agrarisch gebruik, ook voormalig akkerbouwgronden). Omvormen naar schraal grasland is eenvoudig te bereiken omdat voormalige polders weinig bemest zijn geweest. De eerste stap van omvorming is het inzaaien van Engels raaigras. Engels raaigras zorgt ervoor dat het stikstof snel uit de bodem wordt gehaald. Een alternatief is het inzaaien van mais, mais zorgt er ook voor dat het stikstof snel uit de bodem wordt opgenomen.
Er is in dit geval echter voor Engels raaigras gekozen omdat er dan meteen een grasland ligt waar de weidevogels van profiteren.
Ook de waterstanden rond de nieuw aangekochte percelen gaan omhoog, een hoge waterstand is essentieel voor de groei van plantensoorten als Brede Orchis en Harlekijn.
Vervolgens worden de polders weer beheerd volgens de eerder genoemde methodes van maaien en afvoeren en beweiding met schapen.
Korte samenvatting beheer Waal en Burg- Vanaf 1 juli, maaien en afvoeren
- Tot februari nabeweiden met schapen
- Indien grasland té verschraald is bemesten met ruige stalmest
- Openhouden greppels voor afvoer van regenwater en stikstof
- Behouden hoge waterstand
Achtergrond beheerder Loran TingaLoran Tinga is sinds 2003 werkzaam bij Natuurmonumenten op Texel.
Als beheerteammedewerker C houdt hij zich o.a. bezig met het coördineren van projecten, monitoring, het evalueren van beheer en het coördineren en begeleiden van vrijwilligers.
Loran Tinga heeft van 1988 tot 1993 aan de MBCS in Velp gestudeerd en is, voordat hij bij Natuurmonumenten aan het werk ging, o.a. werkzaam geweest als Boomverzorger en Hovenier.
Er zijn nog geen reacties voor deze pagina. Wees de eerste!
Reageren